Werk

Waterman in Italië, 2013. schets

2013_waterman_schets_k

De tijd

Het is begrijpelijk dat de kunstenaar teruggrijpt op vroegere lente-
bloesems. Je zou het kunnen omschrijven als de terugkeer van het
leven. De natuur heeft daar ook een sterk handje van.
De binnenwereld projecteert steeds een nieuwe taal. Hij zet het om,
blijft steeds dicht bij zichzelf. Bekwaam geschilderde doeken lijken
ver weg op dit moment. Andere gelaagdheid speelt nu de hoofdrol.
Beperkte puristen zien dat als een verlies, zij proeven geen verdie-
ping, zijn nieuwe taal wordt niet verstaan.
Hij heeft een nieuwe taal moeten vinden om zijn ideeën te uiten.
Die taal lijkt op het eerste gezicht kleiner, niet oppervlakkiger. Het
werk is nog steeds raadselachtig en vol dubbele bodems.
De kunstenaar heeft altijd een broertje dood gehad aan critici en
zogenaamde kunstkenners. Kunstzinnige interpretaties van zijn
werk doen hem niets. Allemaal onzin en aanstellerij. Binnen zijn
vermogen maakt hij kunst, punt uit.
Beter zou het zijn hem de kans te geven zijn werk te ontwikkelen
en tentoon te stellen. Alhoewel, ik vrees dat het de kunstenaar
waarschijnlijk niets uit maakt. Voor hem is van belang dat de asso-
ciatiestromen in werking zijn en dat de muze geamuseerd over zijn
schouder meekijkt.
In zijn hoofd zingt opnieuw een heldere vrouwenstem.
Hij is weg van de werkelijke plek.
Hij is in zijn geliefde Italië.
De handen gaan uit de zakken.
Het werk groeit.

Krakkrak

Vaarwel, 2013, schets

2013_vaarwel_schets_k

Afscheid

Een oude emotie verplaatste zich van de ene naar de andere kant.
Het heeft een bedoeling: het onderwerp moet van het verleden
naar het heden vloeien. Pas dan is weer evenwicht.
Dat gaat natuurlijk niet zomaar. De oevers, altijd lang en stoffig,
denken diep en lang na voor zij loslaten. Als je goed oplet hoor
je de gelaten, diepe zuchten.
Maar als alles gelukt en geslaagd is is het feest.
Alle vensters gaan weer open. Er is nieuw licht en men heeft geen
slapeloze nachten meer. De nieuwe emotie lokt en negeert de ake-
lig fluitende wind. De oude krakkrak takken maken mooie muziek.
Er is een grote rust aan de andere oever. De emotie houdt daar op
zijn tijd wel van. Hij weet hoe hij het bed warm moet houden en
luistert totaal niet naar de bezorgde anderen.
Ook de verveelde oogopslag is totaal verdwenen.
Alle stomme woorden spreken in boekdelen.
De emotie krijgt energie van het vaarwel.

Lippendienst

De vrouw is van elastiek, 2013, computertekening

2013_de vrouw is van elastiek_ct

Het leven in beweging

Een hoog heelal is vast een verkreukelde toestand.
Tussen alle kleumende wolken is weinig ruimte en overal staat de
huid van nieuwkomers op een kier. De engelen hebben geen tijd
voor herschikking van wolkpartijen. Zijn moeten liplezen en gaan
kiezen.
Liplezers zijn de beesten onder de doven. Zelf op de geur vinden
zij nog alles in de mond. Hoe gevoelig kun je zijn?
Nu is het zo dat de meeste vrienden wel beter weten. Die gooien
gewoon alle remmen los en slaan daarbij flink op hun geborduur-
de daar heeft de verklikkerkist uit de hemel geen antwoord op.
Wie goed doet goed ontmoet is hun spreuk. Daarvan springen de
sproeten spontaan rond mijn toet. Ik kruip door mijn eigen bruis
en val nog meer af dan het afgelopen jaar. Prima!
Het echte festival is dus gewoon op aarde. Daar blazen alle boeren
hun eigen boerse blues. Dat is echt het mooiste recht voor de raap
repertoire. Daar vind je alle lenige dames, die hun kunstjes voor je
tonen.
Dit alles is de neerslag van mijn elastieken herinneringen.
Je zou het ook artistiek gekwaak kunnen noemen.
Het leven is geen verhaal, maar een grote omhaal.
Half afgepakt doe je best. Je sluit je mond meestal gepast, zodat
de verdwaalde liplezer werkeloos achter blijft.
Tenslotte zal het wit sluiten, maar dat duurt nog lang.

Volgelopen nacht

Maannacht, 2013, bewerkte foto

2013_maannacht_bf

De gele klok tikt aan de hemel

Je zou van de nacht kunnen zeggen dat het zwaar beduimeld licht
is. Alleen een waterig, beek maantje steekt misschien nog wat af.
De taal waar je in die tijd doorheen moet waden is, vergis je niet,
zuivere mensentaal.
Dichters dichten de nacht vol. Een maan wordt vuil ei en krijgt de
schuld van alles wat in de weg loopt. Toch treft deze dichter geen
blaam, hij heeft ons bedorven materiaal weer rechtgezet, bijgesteld.
Zijn gezuiverde mond heeft gezegd hoe het er met ons voorstaat.
Dus luister goed naar die geest.
Misschien is de nacht ook wel een schaduw in een ondoordringbaar
woud. Als je voldoende tijd neemt is er veel te bedenken. Overal,
ook bij honger, is er voedsel over.
Over het gezicht van de nacht dacht ik wel eens dat geel bebloed
was. Of dat de maan een hemelklok was, die de sterren wegtikte.
Dat zou zomaar kunnen, al moet je daarbij oppassen voor de och-
tend van het oog.
De donkere dochter van de nacht laat zijn sporen na. Haar lippen
vernielen de lucht als ze lacht. En jij mag daarna alles weer dansend
opfleuren. Het morgenland zal je blij begroeten met zijn ingeblikt
licht. Groot geluk verdraagt veel licht en laat onze vrijheden spelen.

Ander mens

Romantic man, 2013, computertekening

2013_romantic man_ct

Kort briefje

Vandaag wil ik je zoete mondje zijn.
Vandaag en helemaal.
Weet je dat ik je…
Ja, dat weet je wel. Ik hoef niets meer te zeggen.
Of alleen dat ik een ander mens ben geworden na je telefoontje.
Meteen!
Hoe kan het toch dat iets wat voor een ander misschien weinig
betekent voor mij alles is? Het komt natuurlijk doordat ik niet
méér heb, het is alles wat ik heb. Je blijdschap door de telefoon
deed me zweven. En nu weer.
Ik proef ons geluk.
Vandaag schrijf ik maar heel weinig, het doet nu te zeer.
Ik schrijf alleen om te zeggen dat mijn mond nog steeds zoet is,
misschien wel omdat ik het zo wil. Het moet zo blijven tot ik je
weer zie. Dan ga ik al je zoets opeten en jij mag steeds zeggen
dat je niet tevreden bent.
We zullen buiten onze positieven zijn. Help!

X.

Veel ogen

Shoulder the fault, 1997, 80 x 80 cm

MINOLTA DIGITAL CAMERA

Blikken van ooit

Zo zag ik, met de geur van groentesoep nog in de neusgaten, een
man met veel gezichten. Al zijn ogen keken langs mij. Iedere ver-
schijning bleek in zich zelf gekeerd te zijn. Het waren nachtmannen
en die doen alleen maar iets als er een vrouw in de buurt is en ik
was een man.
Ergens bekroop mij het nare gevoel dat ik deze man al kende uit
een andere tijd. Hoewel hij mij dus onbekend bleef zou ik van hem
kunnen houden. Ik voelde me dan ook wat beschaamd omdat ik
niets deed. Zelfs niet een koele begroeting, alleen maar wat kijken.
Ik troostte me met de gedachte dat hij ook niets deed en als we
misschien en ooit eens terug zouden komen kenden we elkaar al.
We zouden elkaar herkennen aan de stille, twijfelachtige hoop.
We zouden stil staan in een onbekende baai en niet doelloos zijn.
Dan was de avond Indianred, ieder moment zou deelbaar zijn en
ontdaan van elke seconde.
Zo zou dat dan zijn.
Hij zou daar zijn.
Ik zou daar zijn.
Jij zou er van horen.
We zouden zwijgend doorlopen.

Voetwassing

Some night, 2001, 80 x 40 cm

MINOLTA DIGITAL CAMERA

Minstens twee gezichten

Ons oog is steeds bewogen door een ander levend oog. Het licht,
het opgetogen licht, leidt ons omhoog, ver boven ons zelf uit.
En dan in die hoogste verte zie je, met een beetje goede wil, de
aarde als herboren. Wie weet ook nog een behouden huis.
Als de maan het toelaat kun je in de nacht naar alle uithoeken
gaan, je bent immers een waanzinnige, kosmische aap.
Hou daarbij je gedachten goed vast, die willen nog wel eens op de
loop gaan. Pas vooral op voor vrouwen die plotseling naakt gaan
staan. Zij zeggen raak mij aan, ik wil bestaan. Voordat je het weet
sta je brandend in een onbestemd schimmenrijk, waar de zwaarste
beulen zelfs voor wegvluchten. Pas op!
Wacht liever in de schatkamer van de blinden. In de overgrote
nacht is daar veel te beleven.
Het begint met een ontspannende voetwassing met het overtollige
melk van wereldse minnen. Daarna eet je samen met alle anderen
van het zonovergoten, goudgele honingbrood. Er is altijd genoeg in
deze nooit lege schatkamer.
Al het koudvuur is in een verre hoek begraven, hier is alleen maar
verheugde warmte. Verschrikte vergetelheid en foute vrede zijn
voor altijd zedig weggeveegd. Hier is nergens meer iets te vinden.
Tegen dit hedendaags taai bindweefsel is geen kruid gewassen. Men
zegt dat de schaduwen hier minstens twee gezichten hebben.
Nadat je al deze zottigheid kauwend hebt bekeken en gegeten weet
je dat je voortaan niet meer onmondig in de wereld zal staan.
Het liedje van nee-nee-nee is totaal leeggelopen.
De jaloerse almacht zal zich ontevreden voelen.
Niets van aantrekken.

Met een verschrikkelijke vrijheid zullen wij het leven breken en
de laatste beelden en tekenen aan stukken slaan.
Eerst moet een ander levend oog zich bewegen. Daarna worden
alle neuzen snel geteld en ligt het perspectief vol puin.

Na de regen

Gewaagde bloem, 2013, schets

2013_gewaagde bloem_schets
Bloemp

Iedereen weet dat de zomer glanst uit niets en overvloed.
De bloemen worden dan dubbel gewassen in mestblije
luchten. Als dan het kleffe mensenvet toekomst biedt dan
weet je zeker dat de aanstormende bijen hun honing zoe-
mend zoeken en vinden. De natuur gaat altijd voor en door.
De zomerlusten neuzen gelukzalig, tonen zich desnoods in
een priestergewaad of nog wittere doeken. De bloemen
woelen nog in hun bed van aarde. Hun stampers zijn geteld,
vruchtbaarheid kent haar weg.
Het zomert plichtmatig en de wolken snotteren licht, dat is
gunstig voor het groeisel. Waakhonden gaan heftig te
keer en worden later als handdoeken uitgewrongen. Ten
minste, zo ervaren zij het, terwijl de natte schoenen huive-
ren. Regen geeft veel narigheid.
Als een dobbelsteen vol in de duisternis, schijnt de wereld
vol drinkers en eters te zitten. Wat een tranendal als je
daar in gelooft. Op dat moment zingt de aarde blij, die weet
wel beter, zij laat anderen zeuren en zaniken.
Verrukt opwaarts laat het alle zwanen zingen in anonieme
eeuwigheid.
Waarvan akte.

Onderonsje

Bloeitakje, 2013, bewerkte foto

2013_bloeitakje_bf

Vrije droom

Vrijheid hoeft niet iets te zijn. Vrijheid is een vlek. Soms iets kleins.
Dat voelde ik op een feest in Italië. Ik heb gezien dat de schedel
bijna van de romp afviel, puur uit genoegen en zag dat er een
constante stroom uit ellebogen kwam. Je kon er met gemak een
heel dorp mee verlichten. Dankzij die uitzinnige mensen voelde ik
mijn vrije vrijheid en botte ik uit. Hartelijk dank daarvoor.
In mijn mooiste Italiaans zei ik inhoudelijk zoiets als:
geef de gebroken stem meer lucht, geef het gebroken oog meer
licht.
Men was diep onder de indruk, veel meer als ikzelf. Eigenlijk vond
ik het wat overdreven en aanstellerig. Italianen geven graag groot
applaus. Zij hebben het uitgevonden.
Zelf bleef ik meer een half tevreden buitenstaander, die half dronken
van hervonden vrijheid gekscherende dingen zei, dus dat was echt
niet veel bijzonders. Ik moest de echte dingen nog meemaken wist
ik, voelde ik. Graag zou ik bijvoorbeeld een blauw hart willen hebben.
Ik denk niet dat het gaat lukken.
Maar goed, zo’n belachelijk onderonsje deed me toch goed.
Een poosje later bleek dit een vrije droom te zijn. Ook goed.

 

Brein

Donker hoofd, 2013, computertekening

2013_donker hoofd_ct

Uit eind jaren zestig

Hij wil het je laten weten: hij is niet zo van de verwilderde oplossing.
Geen enkel stukje brein werkt daar aan mee. Dat bureau is totaal
dichtgeplakt wat hem betreft.
Liever woont hij tussen zijn eigen alleenstaande ledematen, dan kan
geen enkele schaduw hem overlappen. Het vreemde gevolg hiervan
is wel een vette bankrekening. Eind jaren zestig kon je nog wel met
niets doen zeer rijk worden.
Nooit verveelt hij zich en wanhoop doet hem ook niet wankelen.
De aarde moet in alle nederigheid op hem afdalen. Zo zit dat!
Het enige wat hem bezig houdt is zijn hobby: nachtreiniging.
Hij zegt dat dan de inteelt lekt; weet er kennelijk het fijne van. Door
zijn nachtelijke geur gaat het snel op de loop. Zijn zweet is niet be-
vriend met die teelt. Slaapkamers blijven terecht dicht.
Op zijn nachtkastje ligt zijn kaalhoofdige waarheid, zegt hij zonder
daar over op te scheppen, het ligt daar hartstikke bloot en piemel-
naakt. Die waarheid gaat vergezeld met een grote pot met geld.
Daarnaast voelt hij zich meer dan geslaagd.
Een andere uitspraak van hem ik ben nog vromer dan een kerstster
doet je vermoeden dat er iets mis is met zijn geloof. Nog even en
dan maakt hij een verkeerde wereldstad door zelf een prijsvraag uit
te schrijven. Hij is volgens eigen zeggen volmaakt en bohemien.
De enige ster die ik kan bedenken bij deze man is een leegloopster.
Hij is een smeerlap, een uitvreter waar Nescio bleek van zou worden
of ineens weer Jan Hendrik Frederik Grönloh, zeg maar Frits, zou
heten.
Een volmaakte bohemien bestaat niet.
Een kunstenaar komt daar misschien nog het dichtste bij in de buurt.